Klassikale lessen

op 1,5 meter afstand!

Casus: In de wmo is sprake van willekeur

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

“In wmo is sprake van willekeur. De indicatie is afhankelijk van wie je tegenover je hebt”

Door de ruimte die er bestaat voor de Wmo om uit de ‘geest van de wet’ te handelen, ontstaat vaak een grote mate van onzekerheid. Hangt de uiteindelijke keuze dan niet af van hoe de consulent deze wet interpreteert? Niet alleen consulenten, ook inwoners stellen regelmatig dat er sprake is van willekeur in de wet. Maar klopt dit wel? En zo ja, hoe voorkom je willekeur?

Mening van de professionals:

 

Tessa Jonker :
Handelen vanuit de ‘geest van de wet’ betekent dat je handelt vanuit de gedachte, de bedoeling, die er achter de wet ligt. De bedoeling van een wet uit te leggen als ‘reden dat een wet bestaat’ of ‘het grote doel dat er mee bereikt moet worden’. Voor de Wmo is dit de bevordering van de zelfredzaamheid en participatie van alle inwoners. Handelen vanuit de geest van de wet betekent dat je handelt in het grote plaatje. Je keuzes moeten altijd de zelfredzaamheid en participatie tot doel hebben. Handelen vanuit dit grote doel betekent ook dat er verschillende oplossingsrichtingen mogelijk zijn. En dat brengt onzekerheid met zich mee, want wanneer maak je nou de juiste keuze?
Onzekerheid is iets dat we als mens maar slecht kunnen verdragen. Met als gevolg dat we ons handelen graag vastleggen in strak omlijnde regels en procedures: het beleid. Deze kaders bieden veel houvast maar hebben tegelijkertijd ook een groot nadeel. Het overschaduwt het grotere doel dat we voor ogen hebben omdat we blind de procedure volgen. Wouter ’t Hart, schrijver van het boek ‘verdraaide organisaties’ beschrijft dit nadeel als volgt: “Door iemand verantwoordelijk te maken voor de uitvoering van de letter (het protocol) ontsla je die persoon tegelijkertijd van het nemen van verantwoordelijkheid voor het in vervulling brengen van de bedoeling”. Met andere woorden: we redeneren niet meer vanuit de context van de persoon richting de bedoeling van de wet, maar passen een standaard regel toe op een unieke situatie. Het gevolg is dat we hebben gedaan wat is afgesproken, maar niet wat nodig is.

Er zijn twee oplossingen voor deze situatie. Allereerst is het belangrijk om je bewust te zijn van de onzekerheid die het vak Wmo consulent met zich mee brengt. Je moet hier comfortabel mee worden. Vertrouw op je professionaliteit en onderbouw wat er nodig is en waarom. Toch is er dan een gevaar op willekeur: we doen wat voor ons goed ‘voelt’. Dit laatste is een terugkerend thema in mijn lessen. De oplossing hiervoor is: methodisch handelen. We doorlopen een aantal vaste stappen waarbij de standaard regel is dat we minimaal drie oplossingsrichtingen formuleren en deze uitwerken. Pas nadat we verschillende oplossingen hebben geformuleerd kiezen we welke 1) het beste past bij de situatie en 2) naast adequaat ook de minste kosten met zich meebrengt. Alleen dan handel je vanuit professionaliteit en kun je adequaat je verantwoordelijkheid nemen.


Sylvia Huberts:
Het feit dat de Wmo (slechts) een onderzoekskader biedt, een meetlat waaraan de omstandigheden van de cliënt getoetst worden, maakt dat er sneller sprake kan zijn, of lijken, van willekeur. De Wmo is geen heel strakke wet, zoals bijvoorbeeld de Participatiewet, waarin duidelijk staat wat de uitkeringshoogte is onder omstandigheden. Het is binnen een gemeente dan ook van belang om heldere kaders vast te leggen, zoals gebeurt in de verordening en de beleidsregels. De voorwaarden voor een verstrekking worden door consulenten op dezelfde manier toegepast. Toch ontkom je er niet aan, dat er soms sprake kan lijken van willekeur. Eenduidig gemeentelijk beleid voorkomt dit grotendeels. In grotere gemeenten zullen consulenten niet altijd evenveel contact met elkaar hebben, wordt casuïstiek niet onderling besproken, waardoor de kans op willekeur dan groter lijkt te zijn dan bij kleinere gemeenten. Intervisiebijeenkomsten en casusoverleggen zullen ertoe bijdragen dat eenduidig wordt gewerkt en willekeur zoveel mogelijk wordt voorkomen.

 

Kenniscentrum WMO - De Specialist in opleiden binnen het Sociaal DomeinHoe kijkt u hier tegenaan? En uw collega?
Heeft u ook een casus waar u samen niet uit komt of een uiteenlopende visie op heeft, maar wellicht ook geen fout antwoord op is? Wij horen het graag en leggen het in de volgende editie graag aan uw collega consulenten voor. Mail naar [email protected]

*Deze casus is behandeld in vakblad Wmo doen editie 2 uit 2021.