Klassikale lessen

op 1,5 meter afstand!

Domotica voor wonen en zorg

Door: Johan van der Leeuw, senior adviseur zorgtechnologie

De coronacrisis zorgt voor vele uitdagingen, zoals het contact tussen de mantelzorger en de alleenwonende vader met dementie. Als mantelzorger kun je niet meer fysiek langs. Terwijl je meer dan ooit de geruststelling wilt dat het goed gaat met je vader. Dit kan door inzet van domotica; technologie in de woning. Zonder camera’s, maar met sensoren. Zo houd je als mantelzorger overzicht. De gemeente Helmond financiert deze domotica als woningaanpassing vanuit de Wmo.

Wat is domotica?

Domotica staat letterlijk voor huisautomatisering, waarbij ‘domus’’ voor huis staat. In de praktijk gaat het om technologie die in de woning wordt aangebracht. Dit is in de vorm van sensoren, die alleen een warmtebron zien bewegen waarmee de beweging van een mens is te zien. Naast deze bewegingsmelders zijn er ook bijvoorbeeld magneetcontacten. Deze sensoren vormen samen een netwerk. Camera’s maken géén deel uit van deze domotica in verband met de privacy. Een andere vorm van woninggebonden technologie – domotica dus – die relevant kan zijn, is een slim slot in de voordeur. Zodat bijvoorbeeld zorgpersoneel snel naar binnen kan.

Wat is leefstijlmonitoring?

De belangrijkste vorm van domotica op dit moment voor ouderen is leefstijlmonitoring. Hier is jarenlang aan gewerkt. Leefstijlmonitoring geeft inzicht in het leefpatroon van vooral alleenwonende mensen met bijvoorbeeld dementie of een verstandelijke beperking. De mantelzorg kan veranderingen in dat activiteitenpatroon vaststellen door het volgen (monitoren) van wat iemand doet. Bijvoorbeeld als hij of zij ’s nachts gaat dwalen. Het systeem zelf registreert ook opvallende veranderingen in het dagelijks leefpatroon en meldt dat. Een systeem voor leefstijlmonitoring bestaat uit een combinatie van een netwerk van sensoren in de woning, een computerprogramma en een app voor een smartphone en/of webpagina. Het is wél domotica want het is gebonden aan de woning, maar de technologie is in de loop van de tijd zo ontwikkeld dat het systeem overal geplaatst en weer verplaatst kan worden. Dit is vanwege het belangrijkste doel zodat mensen met dementie overal kunnen wonen. Deze mensen hoeven dan niet te verhuizen naar een woning met deze zorgdomotica.

Minder stress door leefstijlmonitoring

Uit onderzoeken en ervaringen vanuit projecten is gebleken dat de stress van de mantelzorg vermindert bij het gebruik van leefstijlmonitoring. De app geeft een beeld van de actuele situatie en dat stelt gerust. Daarom financieren een beperkt aantal gemeenten leefstijlmonitoring. De meeste van deze gemeenten financieren de eerste maanden van een abonnement. Dit om de technologie onder de aandacht te brengen bij de mantelzorger, waarna deze vervolgens zelf het maandabonnement gaat betalen. De gemeente Helmond financiert als enige gemeente leefstijlmonitoring structureel als een voorziening vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning en wel als een woningaanpassing. De reden is dat deze gemeente een project heeft uitgevoerd met leefstijlmonitoring van Sensara. Als gemeenten leefstijlmonitoring financieren, is dat meestal naar de mantelzorger en/of de persoon met dementie als burger van deze gemeente. Dus ook als de mantelzorger in de gemeente woont en moeder of vader elders of andersom.

Aanschaf door mantelzorg

Bij de gemeenten die een aantal maanden korting geven op het abonnement, vindt de aanschaf door de mantelzorg zelf plaats. De sensoren zijn eenvoudig door een – beetje handige – mantelzorger aan te brengen en door de mantelzorger zelf te operationaliseren. Dat is recentelijk nog uit de praktijk in Helmond gebleken. Het aanschaffen door de mantelzorg kan natuurlijk ook wanneer de gemeente (nog) geen vergoeding biedt.

Proces gemeente Helmond

Het proces bij de gemeente Helmond is anders. De melding komt binnen zoals gebruikelijk. De beoordeling vindt plaats door de consulent. Zij beoordeelt of de klant in aanmerking komt voor deze woningaanpassing. In de suite wordt het werkproces woningaanpassing op leefstijlmonitoring geboekt. Het aanmeldformulier wordt naar de leverancier gemaild met de opdracht tot verstrekking van de voorziening. Belangrijk is dat ook het e-mailadres van de mantelzorg wordt ingevuld zodat de leverancier de toegangscode kan sturen. De procesondersteuner stuurt de beschikking leefstijlmonitoring.

Monitoring door de mantelzorg

In het gebruik van deze zorgdomotica vanuit de Wmo wordt de monitoring vooral door de mantelzorg zelf gedaan. Als er een casemanager dementie betrokken is, heeft deze een terughoudende rol. Pas als de mantelzorger op basis van de monitoring een bepaalde vraag heeft aan de casemanager dementie, gaat deze meekijken naar de grafieken en de notificaties die het systeem geeft.

Domotica onder de zorgverzekeringswet

Nu wordt domotica, en in het bijzonder leefstijlmonitoring, ook onder de Zorgverzekeringswet en de Wet Langdurende Zorg vergoedt. Het valt namelijk onder de prestatie thuiszorgtechnologie die sinds 1 januari 2020 van kracht is. Dit is dus nog maar sinds kort. In de praktijk betekent het dat via thuiszorgorganisaties deze zorgdomotica wordt aangeboden aan hun cliënten. De kosten van de technologie en de ureninzet kunnen worden gedeclareerd bij de zorgverzekeraar en het zorgkantoor. Leefstijlmonitoring wordt op dit moment ingezet door de thuiszorgorganisaties ZZG Zorggroep, Cordaan, Savant Zorg, Zorgboog, Viva! Zorggroep, Zuidzorg, de ZorgSpecialist en Carint-Reggeland. De thuiszorgorganisaties kopen deze technologie dus in en zetten het vervolgens in bij hun cliënten. Hierbij hebben casemanagers dementie en wijkverpleegkundigen een actievere rol. Naast de monitoring door de mantelzorgers wordt door de casemanagers en de wijkverpleegkundigen gebruik gemaakt van een casemanagerstool (afhankelijk van welk systeem gebruikt wordt): een overzichtsscherm met alle aangesloten cliënten van een team bijvoorbeeld. De afspraak is dan bijvoorbeeld dat de casemanager twee keer per week naar dit overzicht kijkt en vervolgens al dan niet actie onderneemt als er belangrijke afwijkingen te zien zijn op het dagelijks leefpatroon.

Belangrijkste meerwaarde

De belangrijkste meerwaarde van leefstijlmonitoring voor de zorg, maar eigenlijk ook voor de mantelzorg, zijn vroegtijdige waarschuwingen op mogelijke crisissituaties. Een bekend voorbeeld uit de praktijk is dat het systeem signaleert dat de alleenwonende persoon met dementie vaker naar het toilet toe gaat dan voor hem of haar gebruikelijk is. Het meest gebruikte systeem leest de eerste 2 weken het dan gebruikelijke leefpatroon in. Een afwijkend aantal keer naar het toilet toe gaan levert dan een gele notificatie op, welke zichtbaar wordt in de app voor de mantelzorger en in het scherm van de casemanager. In een grafiek is het aantal keren toiletgebruik per etmaal te zien. De mantelzorger of de casemanager kan dan vervolgens besluiten een urineonderzoek te laten doen via de huisarts. Vaak blijkt dan een urineweginfectie, die gepaard gaat met een verhoogd toiletgebruik. Een interventie vanuit de huisarts bestrijdt dan deze urineweginfectie. Dit is van belang omdat een urineweginfectie bij iemand bij dementie snel kan leiden tot een delier, een staat van verwardheid. Dit leidt op zijn beurt weer vaak tot een crisis, een verder overbelaste mantelzorger enz.

Onderscheid financiering Wmo naar de
Zorgverzekeringswet

De gemeente Helmond financiert leefstijlmonitoring structureel tot een zekere begrenzing. Daarna is de financiering aan de zorgverzekeraar volgens deze gemeente. Op basis van casusbesprekingen door deze gemeente met de casemanagers dementie, betrokken bij het project leefstijlmonitoring van de gemeente, is de volgende begrenzing bepaald:

De leefstijlmonitoring wordt niet meer vergoed vanuit de Wmo,
wanneer:
• De cliënt een Wlz indicatie heeft of hier voor in aanmerking kan komen;
• Er sprake is van nachtelijk dwaalgedrag en er een noodzaak is voor een bedsensor;
• Er een noodzaak is voor dagelijkse persoonlijke verzorging of verpleging (adl en/of medicatie en/of eten) in combinatie met regieproblemen.
De zorgaanbieder probeert dan via de Zvw of Wlz de voorziening in te zetten.

Meegroeiend systeem

Wat hierbij van belang is, is dat het meest gebruikte systeem voor leefstijlmonitoring is opgezet als een groeiend systeem. Het begint met een basispakket voor mensen met dementie of een ander progressief ziektebeeld die nog in het begin van het midden stadium van dementie zitten. Het aantal sensoren is beperkt, er is nog geen thuiszorg nodig, alleen de mantelzorg monitort via de app op de smartphone. Het systeem is dan nog goedkoper. Tijdens de voortgang van het dementieproces komt de persoon met dementie in de overgang van het midden stadium van dementie naar het gevorderde stadium. Dan wordt thuiszorg, bijvoorbeeld wijkverpleging, noodzakelijk.

Het systeem wordt dan naast de bewegingsmelders en de magneetcontacten uitgebreid met een bedsensor: een sensor onder het matras. Dit maakt de leefstijlmonitoring nauwkeuriger, voornamelijk in de nacht. Het maakt ook detectie van een noodsituatie – zoals een valpartij – gedurende de 24 uur van etmaal mogelijk op een betrouwbare manier. Dit is van belang, omdat in de overgang naar deze dementiefase personenalarmering niet meer gebruikt kan worden. Personenalarmering is de apparatuur met een alarmknop. Deze uitbreiding omvat dan ook de eerdergenoemde casemanagement tool – het overzichtsscherm – plus het zichtbaar maken van de gele notificaties in het Elektronisch Cliënten Dossier (ECD) van de wijkverpleegkundigen plus een helpdesk voor de zorgprofessionals. Dit moment wordt gemarkeerd door de begrenzing die de gemeente Helmond heeft geformuleerd.

Het systeem wordt dan uitgebreid en wordt daarmee duurder in de maandelijkse abonnementskosten. Tevens gaat de financiering vanuit de Wmo over naar de zorgverzekeringswet. Ook verschuift dan de rolverdeling van de mantelzorg in principe meer naar de zorgprofessionals. Dit gaat dan wel in overleg: als de mantelzorg een zeer actieve rol wil blijven vervullen, kan dat. Ook wordt als eerste stap gekeken wat het cliëntsysteem nog zelf kan opvangen.

Slim slot

Een andere technologie die in een woning kan worden aangebracht en relevant kan zijn bij het langer zelfstandig wonen, is een slim slot. Hiermee wordt bedoeld dat een zorgmedewerker die een woning van een cliënt in moet, door middel van een app op een smartphone het slot opent. Een variant is door middel van een app een sleutelkluis openen met daarin de voordeursleutel. Dit is vooral van belang bij personenalarmering – als de bewoner een alarmknop gebruikt – om als zorgverlener toch binnen te kunnen komen zonder ergens een sleutel te hoeven halen. Maar ook bijvoorbeeld bij leefstijlmonitoring als de noodsituatie-detectie van dit systeem wordt gebruikt.

Inbraakgevoelige sleutelkluisjes

Hiervoor worden al geruime tijd en op grote schaal sleutelkluisjes gebruikt. Sleutelkluisjes die met een pincode te openen zijn. Nadelen hiervan zijn dat er met name in de nachtelijke uren moeilijk mee te werken valt en dat via een zorgcentrale de pincode moet worden doorgegeven. Als de geplande zorg van een sleutelkluisje gebruik moet maken, omdat de cliënt bijvoorbeeld bedlegerig is, is er het risico dat de pincode in onbevoegde handen komt. Bovendien is een dergelijke sleutelkluis goed zichtbaar aan de buitenkant van de woning, waardoor duidelijk is dat er een kwetsbare oudere woont. Dit kan mensen die babbeltrucs gebruiken, aantrekken. Politie en woningcorporaties geen fan van sleutelkluisjes Diplomatiek gezegd is de politie geen fan van deze sleutelkluisjes. Men wil er eigenlijk zo snel mogelijk vanaf, omdat het grootste deel van deze kluisjes met pincode (zeer) inbraakgevoelig is. Er zijn regelmatig inbraakgolven die precies op deze kluisjes mikken. Dit komt dan ook met enige regelmaat in de media. Daarnaast zijn de zichtbare sleutelkluisjes een aantrekking voor mensen die babbeltrucs toepassen. Woningcorporaties zijn er ook geen fan van, omdat er regelmatig sprake is van een clustering van deze kluisjes bij de ingang van een appartementencomplex voor ouderen.

Voordelen van een slim slot

Een slim slot heeft als belangrijkste nadeel dat deze aanzienlijk duurder is dan een sleutelkluisje met pincode. Voordelen zijn wel dat een zorgmedewerker via de app snel de autorisatie krijgt om een deur te openen. Via een database is bij te houden wie, wanneer welke deur heeft geopend. Er is geen sprake meer van rondslingerende briefjes met pincodes. Vanwege het feit dat het slot zelf aan de binnenkant zit, is het niet zichtbaar van buiten.

Wmo of zorgverzekeringswet?

Bij leefstijlmonitoring, als vorm van zorgdomotica, begint het al aardig duidelijk te worden wie wanneer financiert onder welke voorwaarden. Dat is bij het slim slot helaas nog lang niet het geval, hoewel politie en woningcorporaties van de huidige sleutelkluisjes af willen. Het is duidelijk geen woningaanpassing, die onder de Wmo zou passen, zoals bijvoorbeeld wel geconcludeerd door de gemeente Helmond voor leefstijlmonitoring. Het is namelijk iets wat het zorgproces ondersteunt en niet direct de burger. De zorgorganisaties voelen zich echter vaak ook niet aangesproken en de zorgverzekeraars ook niet. De zorgorganisaties geven namelijk vaak aan dat het de verantwoordelijkheid van de cliënt is om de zorg in de woning te laten.

Tot slot

Domotica voor wonen en zorg heeft in de loop van afgelopen 25 jaar – de eerste projecten dateren uit de tweede helft van de jaren ’90 – in de vorm van leefstijlmonitoring nu een zekere mate van volwassenheid bereikt. De technologie is overal plaatsbaar en verplaatsbaar geworden en er wordt kunstmatige intelligentie toegepast. Belangrijker is dat herhaaldelijk wetenschappelijk is aangetoond dat het de mantelzorger ontzorgt, ondanks dat men dagelijks met grote regelmaat op de app kijkt. Juist dit raakt aan een prestatieveld van de Wmo, namelijk de ondersteuning van de mantelzorg. Om deze reden financieren verschillende gemeenten leefstijlmonitoring nu, waarvan één structureel als Wmo-voorziening. Het Nederlandse financieringsmodel wordt gekenmerkt door verschillende kolommen met een begrenzing tussen de Wmo en de Zorgverzekeringswet die ondersteuning van het gebruik van zorgdomotica in principe hindert. Het begint nu langzaam ook duidelijk te worden hoe deze grens vloeiend kan worden gepasseerd met een verplaatsing van financiering van gemeente naar zorgverzekeraar en een rolverschuiving van mantelzorg naar professionele zorg. Dit alles loopt tegelijkertijd met een verdere aanpassing van de technologie aan de actuele situatie van een zorgvragende burger. Die puzzel is helaas nog niet opgelost voor een andere vorm van zorgdomotica, namelijk het slimme slot.

*Dit verhaal komt uit  vakblad Wmo doen editie 2 uit 2020.