De specialist in opleiden

binnen het Sociaal Domein

Het belang van een nieuwe kijk op gezondheid

Door: Marijn Pietersen-Jonker, MSc

Ben je gezond? Waarom? Een vraag die ik vaak stel in de trainingen die ik geef. Volgens de definitie die de Wereld Gezondheidsorganisatie in 1948 stelde, is gezondheid “een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en sociaal welzijn en niet alleen de afwezigheid van aandoening of handicap.” Klinkt logisch. Maar wanneer ik deze vraag stel aan mijn cursisten komen we er echter al snel achter dat deze definitie achterhaald is. Als we de definitie namelijk letterlijk zouden nemen, is vrijwel niemand gezond. Want heel veel mensen, zeker waar het klanten van de Wmo en Jeugdwet betreft, bevinden zich niet in een staat van volledig welbevinden. Toch geven veel van hen aan zich toch gezond te voelen. Gezondheid betekent namelijk voor iedereen iets anders. Het is niet iets wat een ander kan beoordelen, maar iets wat je zelf ervaart. Wat we in elk geval kunnen vaststellen, is dat je gezond voelen meer is dan alleen het mentaal of lichamelijk welbevinden. Tijd voor een nieuwe kijk dus.

Al in 2011 kwam Machteld Huber met een nieuwe definitie van gezondheid, namelijk ”het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven”. Uitdagingen die we allemaal vroeg of laat zullen tegenkomen op een punt in ons leven. Huber noemt dit ‘positieve gezondheid’ en dit is volgens mij precies waar de Wmo, de Jeugdwet, het Sociaal Domein en de kanteling over gaan. Namelijk, mensen helpen om zich aan te passen aan die uitdagingen en ondersteunen bij het voeren van de regie over hun leven. Ik pleit er dan ook voor dat alle gemeenten gebruik maken van deze zienswijze en de zeer toegankelijk gesprekstool die hiervoor is ontworpen. Het brengt de zes dimensies van gezondheid in kaart: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, kwaliteit van leven, meedoen, zingeving en dagelijks functioneren. Daarbij kent iemand zelf een waarde toe, op een schaal van 0 tot 10, aan elk van de dimensies. Het gaat daarbij om ervaren gezondheid, en niet om de waarde die een ander hier aan verbindt. Waarom is dit belangrijk? Het stelt de mens centraal en laat hem zélf zijn eigen gezondheid beoordelen en aangeven waar hij hulp bij nodig heeft. Daarbij is dit ‘spinnenweb’ geen doel op zich, maar een middel welke helpt om na te denken over wat je belangrijk vindt en wat je zou kunnen doen om je beter te voelen. Dé manier om eigen kracht en zelfredzaamheid in kaart te brengen. Een middel om tot een inhoudelijk, mensgericht en goed gesprek te komen.