Frans Lustermans en Miquel Wijngaards werkten jaren geleden samen in de thuiszorg. Daar zagen zij wat goed ging en wat minder goed ging binnen de zorg. Ideeën om ooit samen te ondernemen ontstonden al snel. In 2011 was er een goed moment, toen kwamen de eerste concrete signalen van de decentralisaties. In februari 2012 hebben zij Kenniscentrum WMO officieel opgericht.

Door samen te praten, ervaringen te delen en knelpunten in de zorg te constateren leerden jullie veel over de zorg. Wat was de visie toen jullie begonnen met Kenniscentrum WMO?

Miquel Wijngaards (links) en Frans Lustermans (rechts)
Miquel Wijngaards (links) en Frans Lustermans (rechts)

Frans: “We hadden heldere ideeën over hoe gemeenten en zorginstellingen om konden gaan met de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Alle ideeën waren uitgewerkt, alles stond klaar voor de decentralisaties die in 2014 plaats zouden vinden… En toen werd het een jaar uitgesteld. In dat jaar hebben we ideeën verder onder de aandacht gebracht bij onder andere gemeenten en zorginstellingen. Er ontstonden mooie samenwerkingen met onder andere het Ministerie van Economische Zaken en de Sociale Verzekeringsbank.

In eerste instantie waren we vooral gericht op het detacheren van Wmo-consulenten en projectleiders. Al snel leerden we dat het interessanter was om mensen op te leiden volgens onze denkbeelden en de nieuwe Wmo.”

Miquel: “Wat we zagen was dat er veel werd ingekaderd. De nieuwe wet moet simpelweg uitgevoerd worden. Als we kijken naar de inhoud van die nieuwe wet en wat er bereikt moet worden, gaat het er uiteindelijk om dat de burger op een andere manier moet samenwerken met de gemeente om een kwalitatief hoogstaand leven te leiden. Een zo hoog mogelijk rendement voor de burger met beperkte middelen. De uitdaging van Kenniscentrum Wmo is om daar samen met gemeenten op een creatieve manier naar te kijken. Gemeenten vinden het dan ook fijn om met ons om tafel te zitten, te sparren en te leren van de manier van Kenniscentrum Wmo.”

“Kennis delen zit in ons DNA opgesloten”

Kennis delen… Dat verklaart de naam Kenniscentrum Wmo

Miquel: “Dat klopt. Wij staan voor wat er in de naam zit: Kennis vergaren en delen. Ons doel is om met gemeenten in gesprek te gaan; er samen achter komen wat hen bezighoudt, waar de knelpunten en successen zitten. Dat geeft ons nieuwe inzichten en deze kennis delen we onder andere door de opleidingen die wij geven.

De cursisten die door ons opgeleid worden tot Wmo-consulent zijn vaak mensen die werkervaring of een stageplaats hebben. Zij komen tijdens de colleges samen en praten met elkaar, wisselen ervaring uit en leren op die manier ook van elkaar. Kennis delen zit in ons DNA opgesloten. En dat weet men. Daarom worden we niet alleen benaderd door gemeenten, maar ook door partijen als de Sociale Verzekeringsbank.”

Frans: “We hebben ook bij zorginstellingen gekeken wat er nou gebeurt, met wat voor mensen krijgt de gemeente straks te maken?. Er gaat een enorme verandering plaatsvinden. Gemeenten moeten met mensen in gesprek om te kijken wat er aan de hand is. Wat kunnen ze wel en wat kunnen ze niet? De burger wordt ook steeds mondiger. Dat vraagt om een andere benadering.”

Miquel: “We zien dat gemeenten zich niet genoeg realiseren dat de burger meer consumentengedrag vertoont. De burger denk dat hij vanuit een bepaald recht iets komt halen. Als gemeente is het daarom heel belangrijk om na te denken over de communicatie naar de burger. Welke informatie is belangrijk? Hoe zit het werkelijk in elkaar? Welke verwachtingen mag de burger hebben en wat wordt van de burger verwacht? Wij willen hiermee helpen. Samen met de gemeente kijken we naar mogelijkheden. Wij geven niet alleen een advies maar ook ondersteuning in uitvoering.”

Frans: “Om een voorbeeld te noemen: we zien een generatie oudere mensen die vindt dat ze qua zorg in het zonnetje gezet moeten worden. Het leven moet comfortabeler en luxer, maar er zijn juist minder middelen. Daarin zit een flinke uitdaging.”

“Durven gemeenten te kijken naar doelen en resultaten of kijken zij alleen naar budgetten?”

Zo te horen is er nog veel werk aan de winkel voor gemeenten…

Miquel: “Gemeenten zijn in 2015 begonnen met de goede intentie om bestaande relaties en zorgarrangementen in stand te houden. De continuïteit is gewaarborgd. Maar hoe gaan zij dit beheersen?”

Frans: “De grote uitdaging begint nu pas. Hoe laten we de mensen uit de AWBZ zo soepel mogelijk overgaan? Nu komen de facturenstromen, nu gaat het beginnen.

Een belangrijk punt hierbij is monitoring. Gemeenten moeten zich straks verantwoorden naar het Rijk, de regio, CBS en de gemeenteraad. De vraag voor gemeenten is dan ook of zij zich laten leiden door budgetten of dat ze durven kijken naar doelen en resultaten. Welke doelen hebben we gesteld? Wat is de gemeenschappelijke waarde?”

Miquel: “Er is nog een belangrijk issue. De gemeenten hebben de zorg ingekocht, er zijn contracten afgesloten met zorginstellingen. Voor de burger is continuïteit gewaarborgd. Maar gemeenten hebben een kennistekort. Zij krijgen te maken met mensen die een meervoudig probleem hebben. Waar gaat de gemeente advies inwinnen? Met wie kunnen ze sparren als er twijfels en vragen zijn? Doen ze dat met een gecontracteerde partij? Dan krijgen ze geen onafhankelijk advies.”

“Onze Wmo-consulenten zijn niet alleen opgeleid vanuit de technische kant, maar ook vanuit de sociale kant.”

Kenniscentrum Wmo biedt een breed aanbod aan opleidingen; opleidingen in uiteenlopende richtingen. Waarom zoveel opleidingen? Waar komt dit aanbod vandaan?

Miquel: “De docenten van Kenniscentrum Wmo hebben bij ons veel ruimte om lesstof te creëren. Een vereiste is ook dat zij werkzaam zijn in het veld. Zij zien wat er in de dagelijkse praktijk gebeurt, dus stemmen daar de lesstof op af. Daardoor ontstaat er een opleidingsaanbod. Gemeenten willen ook geen standaard opleiding, maar een pakket op maat. En dat kan bij ons!”

Frans: “Dat geeft ons een onderscheidend vermogen. De Wmo-consulent is breed opgeleid. We leiden ze niet alleen op vanuit de ‘ technische’ kennis, maar besteden ook veel aandacht aan de sociale kant, cliëntgericht. En dat kan door de docenten die zorggeoriënteerd zijn”.

De transities, de nieuwe Wmo is nu op poten gezet. Gemeenten hebben 1 januari 2015 overleefd. Wat gaat Kenniscentrum Wmo nu doen?

Frans: “Er is een enorme slag geleverd om 1 januari 2015 te halen. Dat was de korte termijn. De echte verandering begint nu. Dat is een periode van processen. Hoe gaan we om met mensen? Hoe richten we onze processen goed in om te zorgen dat het ook op lange termijn gaat werken?

Onze uitdaging is nu om samen dingen te creëren en te innoveren in de zorg in plaats van meer van hetzelfde leveren. Hoe kunnen we ook kleine zorgorganisaties aan de bal houden? In de driehoek Gemeente, zorg en cliënt zit Kenniscentrum Wmo in het midden. Het echte werk begint nu pas!”